Exclusieve Longread - Moorddossier
De Klievingsmoord van IJmuiden: Hoe de 34-jarige Arina Sasina in een gruwelijke nachtmerrie belandde
Locatie: IJmuiden | Slachtoffer: Arina Sasina (34) | Dader: Sander K. (38)
De avond van donderdag 18 augustus 2022 begint als een routineklus voor de 34-jarige Arina Sasina. De Oekraïense vrouw, die in de escortwereld werkt onder het pseudoniem 'Zoya', stapt even na achten uit een Uber in een rustige woonwijk in IJmuiden. Ze heeft een afspraak van een uur staan met een nieuwe klant. De prijs: 250 euro, plus 90 euro voor de taxirit. Wat een zakelijke transactie had moeten zijn, eindigt in een van de meest gruwelijke en bizarre moordzaken die de Nederlandse forensische opsporing de afgelopen jaren heeft gezien.
Steun ons vrijwilligerswerk ☕
Wij geloven dat onafhankelijke misdaadverslaggeving voor iedereen vrij toegankelijk moet zijn. Daarom vind je op Moordplekken.nl géén betaalmuren of gesloten premium-artikelen. Ons platform wordt met passie gedraaid door een klein team van vrijwilligers. Waardeer je ons speurwerk en de uitgebreide dossiers? Met een kleine, eenmalige donatie via Buy Me a Coffee help je ons de maandelijkse serverkosten te dekken. Elke bijdrage, hoe klein ook, is enorm welkom en houdt de site in de lucht!
Achter de voordeur van de woning wacht de 38-jarige Sander K. De man verkeert in een diepe, zelfdestructieve spiraal. Hij is recent zijn baan kwijtgeraakt, heeft in korte tijd dertigduizend euro erdoorheen gejaagd, staat rood op zijn bankrekening en kampt met een zware alcoholverslaving. Om de afspraak met Arina te kunnen betalen, heeft hij vlak daarvoor nog snel 350 euro van zijn vader moeten lenen. Buiten het zicht van de buitenwereld heeft K. bovendien een duistere fascinatie ontwikkeld voor extreem gewelddadige pornografie, en verzamelt hij wapens, waaronder alarmpistolen, een machete en een tomahawk.
De zolderkamer als dodelijke val
Kort nadat K. de vrouw in de hal betaalt met het geleende geld, begeleidt hij haar via een vlizotrap naar de zolder van de woning. Daar staat een fitnessapparaat; een halterbank die het middelpunt zal vormen van een fatale uitbarsting van geweld.
Volgens de latere reconstructie van de rechtbank en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), wordt Arina op de zolder met zware kabelbinders (tiewraps) vastgemaakt. K. bindt haar polsen en haar hals vast aan het frame van de halterbank. Hoewel hij tijdens zijn proces stug blijft volhouden dat dit een wederzijds overeengekomen bondage-spel was, schetst het bewijs een totaal ander beeld. Collega’s en bekenden van Arina omschrijven haar als een vrouw die absoluut de touwtjes in handen wilde houden. Ze ging zelden akkoord met extreme verzoeken en liet zich al helemaal niet vastbinden in de woning van een onbekende klant in een positie waaruit ze onmogelijk kon vluchten.
Terwijl ze weerloos vastzit, wordt ze op brute wijze van het leven beroofd. De forensisch patholoog stelt later onomstotelijk vast dat het tongbeen van Arina aan de linkerkant is gebroken door een krachtige, samendrukkende handeling. Ze is niet 'per ongeluk' in een strakke tiewrap gestikt, zoals de dader beweerde; Arina is gewurgd door de handen van Sander K.
Een macabere legpuzzel
Wat K. in de dagen ná de moord doet, tart elk voorstellingsvermogen. In plaats van de hulpdiensten in te schakelen, besluit hij dat het lichaam moet verdwijnen. Het lijk is in zijn ogen slechts bewijsmateriaal dat weggewerkt moet worden. Gewapend met een hakmes, een zaag en een dolk verandert hij zijn badkamer en zolder in een slachthuis.
In de loop van de volgende dagen klieft Sander K. het lichaam van de 34-jarige vrouw in maar liefst twintig afzonderlijke delen. Met kille precisie scheidt hij het hoofd en de ledematen van de romp, en verpakt de gruwelijke restanten in dichtgetapete vuilniszakken. Om de identiteit van het slachtoffer te verhullen, neemt hij een nog lugubere stap: hij snijdt de tien vingertoppen van Arina af en spoelt deze door het doucheputje.
Ondertussen gaat het leven van K. schijnbaar normaal door. Korte tijd nadat Arina haar laatste adem heeft uitgeblazen, pakt hij het geld dat hij haar betaald had weer af. Met dat bebloede geld bestelt hij onverstoord eten bij de McDonald's en koopt hij drank bij de avondwinkel. Hij bezoekt zelfs zijn moeder, die later verklaart dat haar zoon "opgewekt en vrolijk" overkwam. Er was niets aan hem te merken.
De lugubere vondst door de recherche
Op 21 augustus trekt de zus van Arina aan de bel; ze heeft al dagen niets van haar gehoord en geeft haar als vermist op. Het spoor via WhatsApp en de geregistreerde Uber-rit leidt de rechercheurs rechtstreeks naar de woning in IJmuiden. Op 23 augustus, vijf dagen na de moord, valt een arrestatieteam de woning binnen.
Wat de forensische opsporing op zolder aantreft, staat voor altijd in hun geheugen gegrift. Voor een halterbank staat een grote teil met daarin de romp van een mens. Daarnaast staat een bak gevuld met de ingetapete vuilniszakken met de overige ledematen en het hoofd. Door DNA van een tandenborstel uit Arina's koffer kan de identiteit snel onomstotelijk worden vastgesteld.
Geen spoor van berouw in de rechtbank
Tijdens het langlopende strafproces toont Sander K. zich van een ijskoude kant. Hij weigert stelselmatig medewerking aan de psychiaters van het Pieter Baan Centrum. Hij vlucht soms zelfs de rechtszaal uit en toont werkelijk nul inlevingsvermogen richting de nabestaanden. In zijn laatste woord spreekt hij een zin uit die de aanwezigen de rillingen bezorgt: "Ik vond haar wel aardig, ik had niet gewild dat dit was gebeurd. Ik had haar het liefst nog twintig keer langs laten komen."
De rechtbank van Amsterdam veroordeelt K. in de zomer van 2024 tot 10 jaar celstraf en ongemaximeerde TBS met dwangverpleging. De rechters achten hem schuldig aan doodslag, verkrachting en de poging tot het wegmaken van een lijk. K. was in hun ogen verminderd toerekeningsvatbaar, maar extreem gevaarlijk voor de samenleving.
De genadeslag in Hoger Beroep (2026)
Het Openbaar Ministerie vindt tien jaar cel te mild en tekent hoger beroep aan, net als de verdediging van K. Zelfs in de rechtbank van het gerechtshof blijft K. bij zijn verhaal dat de dood een tragisch ongeluk was tijdens een uit de hand gelopen seksspel.
In april 2026 valt het definitieve doek. Het gerechtshof buigt zich opnieuw over de details. Waar de eerste rechter de verkrachting nog bewezen achtte, oordeelt het hof dat er voor verkrachting onvoldoende keihard, technisch bewijs voorhanden is, mede doordat K. het slachtoffer postmortaal gereinigd had met chloor en er geen zedenkit is veiliggesteld. Hij wordt in hoger beroep vrijgesproken van verkrachting.
Toch betekent deze vrijspraak geen strafvermindering, integendeel. Het hof rekent de lugubere klieving en de koelbloedige wurging K. nóg zwaarder aan. De gevangenisstraf wordt verhoogd naar 12 jaar cel. Ook blijft de maatregel TBS met dwangverpleging overeind. Volgens het hof is de maatschappij pas veilig als de complexe, niet-onderzochte stoornissen van K. achter gesloten deuren langdurig worden behandeld.
Voor de nabestaanden van Arina Sasina in Oekraïne is de veroordeling slechts een pleister op een peilloos diepe wond. Zij moesten hun geliefde zus en dochter afstaan aan de waanzin van een man in IJmuiden, en kregen de gruwelijke wetenschap terug dat zij niet eens op een normale manier afscheid van haar hebben kunnen nemen.