Gerechtshof verhoogt celstraf aanzienlijk: Thomas van der H. krijgt 11,5 jaar voor doodslag op Joke (63) in Zeewolde
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (zittingsplaats Leeuwarden) heeft de 60-jarige Thomas van der H. uit Voorst in hoger beroep veroordeeld tot een gevangenisstraf van 11 jaar en 6 maanden voor de doodslag op zijn 63-jarige partner Joke. Het hof haalt daarmee een dikke streep door het eerdere vonnis van de rechtbank Midden-Nederland, die hem in augustus 2024 'slechts' 8 jaar cel oplegde. Volgens het gerechtshof deed die eerdere straf op geen enkele wijze recht aan het heftige geweld en het immens leed voor de nabestaanden.
Lees ook de voorgeschiedenis van deze zaak:
Hoger beroep gaat van start: Thomas van der H. betwist 8 jaar cel voor dood Joke (63) in Zeewolde
Aangetekende brief als breekpunt
Het fatale incident vond plaats op 21 november 2020 in de gezamenlijke woning aan de Smaragd in Zeewolde. Die middag om 13:24 uur werd er door een postbezorger een aangetekende brief bezorgd die door Van der H. in ontvangst werd genomen. In die brief eiste Joke een bedrag van € 10.859,- van hem terug en gaf zij aan de samenlevingsovereenkomst te beëindigen als hij niet zou betalen.
Joke voelde de bui al hangen. Zij had de dag ervoor haar dochter al ingelicht, haar auto bewust verderop geparkeerd om de schijn op te houden en afgesproken dat vertrouwelingen stand-by zouden staan. Kort nadat Van der H. de inhoud van de brief bekeek en zijn bankieren-app opende, horen directe buren rond 13:42 uur een minutenlang, aaneengesloten lawaai alsof er zware meubels omvielen en deuren keihard werden dichtgegooid.
Smoes over val van de trap naar de prullenbak
Pas om 14:33 uur — bijna een uur na het lawaai — belde Van der H. naar 112 met de mededeling dat hij en z'n vrouw per ongeluk van de trap waren gevallen. Hulpverleners troffen Joke onderaan de trap aan, maar reanimatie mocht niet meer baten. Het gerechtshof heeft het alibi van een 'simpele val van de trap' integraal van tafel geveegd op basis van hard forensisch bewijs.
Uit sectie door het NFI bleek dat Joke bezaaid was met letsels: talrijke bloeduitstortingen op het hoofd en gezicht, letsel op de romp en armen, een dwarse breuk van de 6e halswervel én een gebroken tongbeen. Volgens de patholoog-anatoom is het aantreffen van een gebroken tongbeen in combinatie met de halsbloedingen 'sterk suggestief voor een samendrukkende krachtsinwerking' (verwurging). Een ongelukkige val kan dit letselbeeld simpelweg niet verklaren.
Wisselende verklaringen en flinke strafverhoging
Het hof rekent het Van der H. zwaar aan dat hij gedurende de hele strafzaak steeds wisselend heeft verklaard en zijn lezingen telkens aanpaste zodra er nieuwe onderzoeksresultaten bekend werden. Omdat hij tot op de dag van vandaag weigert openheid van zaken te geven over wat er precies in die fatale minuten is gebeurd, laat hij de nabestaanden in vertwijfeling achter.
Waar de rechtbank eerder nog uitging van een uitgangspunt van 8 jaar cel, vond het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 12 jaar in beginsel passend. Omdat de berechtingstermijn in zowel eerste aanleg als in hoger beroep licht is overschreden (redelijke termijn ex art. 6 EVRM), is de uiteindelijke straf vastgesteld op 11 jaar en 6 maanden cel.
Het Arrest (ECLI:NL:GHARL:2026:6489)
- Veroordeling wegens doodslag (art. 287 Sr).
- Oplegging van 11 jaar en 6 maanden gevangenisstraf (met aftrek van voorarrest).
- Vrijspraak voor het tweede feit (poging tot doodslag), omdat het om één voltooid delict gaat.
- Toewijzing van € 17.500,- aan affectieschade voor de ene nabestaande én € 17.500,- aan affectieschade voor de andere nabestaande (beiden inclusief wettelijke rente vanaf 21 november 2020 en gecombineerd met de schadevergoedingsmaatregel).
- De gevorderde € 10.000,- aan aanvullende immateriële schade werd niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende medische onderbouwing van geestelijk letsel (kan nader bij de burgerlijke rechter worden aangebracht).