19-jarige die belager met mes in onderarm stak in Rotterdam ontslagen van rechtsvervolging wegens noodweer
Een 19-jarige man die begin dit jaar in een Rotterdamse steeg een ander met een mes zwaar verwondde, hoeft de gevangenis niet in. De rechtbank Rotterdam acht bewezen dat de tiener zich schuldig heeft gemaakt aan zware mishandeling, maar concludeert tegelijkertijd dat het puur noodweer was. De man stond klem, werd aangevallen met klappen op zijn hoofd en kon geen kant op, waarna hij het mes trok om zich te verdedigen.
Dertig hechtingen en een blijvend litteken
Het gewelddadige incident speelde zich af op 11 februari 2026. Tijdens een escalatie verwondde de tiener de andere man met een mes. Het slachtoffer liep twee snijverwondingen en een krasverwonding op aan zijn onderarm. De grootste wond was fors: tien centimeter lang, vijf centimeter breed en een centimeter diep, waarbij het onderhuidse vetweefsel zichtbaar was.
Het slachtoffer moest direct naar het ziekenhuis waar de wonden met dertig hechtingen werden gesloten. Hoewel belangrijke pezen en bloedvaten gelukkig intact bleven, heeft de man er een groot, blijvend litteken aan overgehouden. De officier van justitie klaagde de 19-jarige aan voor (poging tot) doodslag, maar de rechtbank zwakte dit af naar zware mishandeling. De verdachte had weliswaar niet de expliciete bedoeling om het slachtoffer zwaar te verwonden, maar nam door het inzetten van een mes wel bewust dat risico op de koop toe.
Klem in de steeg: de aanval kwam van het slachtoffer
De juridische wending in deze zaak zit in de aanloop naar de bewuste messteek. Zowel de verdachte, het slachtoffer als een onafhankelijke getuige verklaarden dat de escalatie werd gestart door het uiteindelijke slachtoffer. Hij viel de 19-jarige aan met klappen, waaronder vol op het hoofd met een gebalde vuist.
De tiener had op dat moment zijn rug tegen de muur in een hoek van de steeg en was fysiek een stuk kleiner en lichter. Hij riep meerdere keren "stop". Een getuige probeerde het slachtoffer nog bij de tiener weg te trekken, maar de belager bleef terugkomen. Uiteindelijk trok de verdachte een mes dat hij bij zich droeg om zijn aanvaller af te schrikken, wat resulteerde in de steek in de onderarm.
Ontslag van alle rechtsvervolging (OVAR)
De rechtbank oordeelt dat het mesgebruik onder deze zeer specifieke omstandigheden gerechtvaardigd was. Aan de twee belangrijkste eisen voor noodweer (subsidiariteit en proportionaliteit) is voldaan. De tiener had geen enkele reële mogelijkheid om te vluchten (hij stond klem) en mocht zich gelet op de aanhoudende klappen op deze manier verdedigen.
Omdat het beroep op noodweer slaagt, valt de strafbaarheid van het feit weg. De man is daarom 'ontslagen van alle rechtsvervolging'. Dit betekent concreet dat hij ondanks de bewezen zware mishandeling zonder straf de rechtszaal verlaat. De forse schadeclaim van het slachtoffer (ruim € 5.800,-) is hierdoor door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard.
Overzicht van het Vonnis
- Bewezen feit: Zware mishandeling (poging tot doodslag werd vrijgesproken).
- Verdachte: 19-jarige man, geboren in 2007.
- Slachtoffer: Man, overgehouden aan de steek: een wond gehecht met 30 hechtingen en een groot litteken.
- Straf: Geen. Ontslag van alle rechtsvervolging (OVAR) wegens een geslaagd beroep op noodweer.
- Schadevergoeding: Slachtoffer niet-ontvankelijk verklaard; krijgt via de strafrechter geen vergoeding.